EN OPZIENDE…
“En opziende zagen zij, dat de steen afgewenteld was” (Markus 16:4)
Wat moet dat voor die vrouwen geweest zijn! Een zien, vol verwondering: de steen is afgewenteld! Verwondert u zich ook over Pasen? Dat Jezus is opgestaan? Raakt het u niet in de kern van uw bestaan? Als Pasen vieren voor u alleen maar verstandswerk is, dan bent u nog een vreemdeling van God en van Christus. Want Jezus is opgestaan. Hij heeft de dood overwonnen, Hij heeft het graf verlaten.
Ik denk dat we allemaal weleens op een begraafplaats hebben gestaan. Maar niemand van ons heeft gestaan bij een geopend graf dat verlaten is door een dode, omdat hij was opgestaan. Dát is alleen in de hof van Jozef van Arimathea gebeurd. Het graf is verlaten, de steen is ópgewenteld omdat Jezus is opgestaan. En Hij heeft van Zijn Vader alle eer ontvangen bij Zijn opstanding als de Levensvorst. Jezus leeft. Dat zegt ons die afgewentelde steen. Die grote grafsteen wijst naar onze dood en naar onze verlorenheid. Die grafsteen wijst naar onze hopeloosheid, naar het uitzichtloze leven zonder God. Besef toch dat uw situatie buiten de Heere hopeloos is, want buiten Jezus is geen leven. We liggen van nature begraven in een zondegraf, onder een loodzware steen van Gods rechtvaardige toorn.
Maar hoor wat er op de paasmorgen is gebeurd: de steen is afgewenteld! Jezus is uit het graf verrezen. Jezus leeft, om geestelijke doden levend te maken. Kom, verwonder u hierover. Wanneer u nog buiten God leeft, kunt u nog zalig worden. Er is een weg, er is een mogelijkheid bij God vandaan. In deze opgestane Jezus is er een ruimte om zalig te worden. Jezus leeft, en Hij laat u het Evangelie van Zijn opstanding nog preken: Ontwaak, gij die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten (Ef.5:14).
Ja, zegt er nu iemand, maar die paasvreugde waar u het over heeft, die heb ik niet. Verwonderd over de opstanding van de Heere Jezus? Daar weet ik niets van. Het is me nog nooit tot blijdschap geweest. Dat is wel heel erg natuurlijk. Maar luister… Hebt u, heb jij gehoord, wat er met Pasen is gebeurd? Jezus is opgestaan uit de doden, om doden levend te maken. Ga met die boodschap, meisjes en jongens, op je knieën. Zeg dan maar heel eenvoudig: Heere, nu is het gepreekt dat U opgestaan bent om doden tot leven te wekken. Wilt U het ook bij mij doen?
We lezen van die vrouwen: En opziende… Je kunt het je wel een beetje voorstellen. Toen ze naar dat graf gingen, waren ze zó verdrietig en zó terneergeslagen. Ze liepen met hun schouders naar beneden en met hun hoofd naar beneden; dat doen we nóg, als we erg verdrietig zijn. Deze vrouwen keken niet vooruit, ze keken naar beneden, ze lieten het hoofd hangen. Maar dan gebeurt het wonder. De Heere richt Zélf hun hoofd op en richt hun ogen op het graf. Hij richt hun ogen op die afgewentelde steen. Dan is het die bedroefde vrouwen zo meegevallen. Hun droefheid zal spoedig in blijdschap veranderd worden.
En opziende… Zo gaat het nóg in het geloofsleven. Zó wordt donkerheid en droefheid in blijdschap veranderd.
En opziende… Als we door het geloof mogen zien op die opgestane Jezus, dan valt er licht in onze duisternis.
En opziende… Met die grafsteen in de hof van Jozef van Arimathea zijn alle stenen van verhindering voor Gods kinderen weggenomen. Gods recht is verheerlijkt, Christus is uit het graf verrezen en mét Hem is de Kerk verrezen.
De Levensvorst heeft uw balsem en mijn balsem niet nodig, laten we dat goed bedenken. Nee, Hij wil Zijn specerijen juist uitdelen aan krachtelozen, opdat Hij zou zeggen: … Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht (2Kor.12:9). Hoor de stem van de verheerlijkte Christus, Die Zijn specerijen blijft uitdelen van Zijn verzoening en kruisverdiensten. Die zijn het leven alleen.
Kom, hoe lang zult u nog twijfelen of de Heere Jezus wel voor u gestorven is? Hoe lang zult u nog twijfelen of Jezus voor u opgestaan is?
Kom schuldigen, kom moedelozen, kom twijfelmoedigen, de steen is afgewenteld. Het is u gepredikt dat Christus is opgestaan, opdat u Hem nodig zou krijgen. Jezus leeft. En Hij moge Zich in u verheerlijken in de kracht van Zijn dood en van Zijn opstanding. Want Hij is opgestaan om u uit de volheid van Zijn Middelaarsheerlijkheid alles te schenken.
De Heere leide ons zo in de vrijheid van de kinderen van God, opdat we zouden mogen zeggen: Ik ben met Christus gekruist; en ik leef, doch niet meer ik, maar Christus leeft in mij (Gal.2:20).
Ds. J.S. van den Net
