DE BLOEDZUIGER EN HAAR DOCHTERS

“De bloedzuiger heeft twee dochters: geef, geef!” Spreuken 30:15

Kent u de bloedzuiger? Een bloedzuiger is, in ons land althans, een betrekkelijk klein diertje dat leeft waar veel water is. Maar in het oosten, in Israël, waar Agur leefde, kende men de bloedzuiger ook. In het oosten is de bloedzuiger een wormvormig dier, dat zich met een zuignapje hecht op zijn slachtoffer en zich helemaal volzuigt met het bloed van zijn slachtoffer. Die bloedzuiger wordt dan steeds dikker en langer. Agur heeft vol verbazing naar die bloedzuiger gekeken. Hij heeft zich verwonderd over de geweldige behoefte aan deze bloedzuiger. Dan gaat hij verder en zegt: die bloedzuiger heeft ook twee dochters en die lijken sprekend op hun ouders. Want de dochters zeggen: geef, geef! De schrokkerigheid en begerigheid wordt in deze woordjes uitgedrukt.

De Heere schildert met dat beeld van die ontembare behoeften en begeerten het menselijk hart, úw hart, jouw hart, mijn hart. Die bloedzuiger zal nog een keertje tevreden zijn. Maar ons menselijk hart zegt nooit: het is genoeg. Dat menselijke hart van ons blijft maar zeggen: geef, geef! Bunyan geeft in zijn boek de Christenreis een prachtig voorbeeld. Christen komt eens in het huis waar twee meisjes zijn. Dat ene meisje heet Patientia, dat betekent geduld, en dat is een tevreden kind. Tevreden met de belofte van het toekomende leven, om het hier niet te hebben, maar het straks te krijgen en volledig te genieten. Maar dat andere kind, dat is me er eentje, hoor! Dat kind heet Passie, dat betekent hartstocht of begeerte. Dat kind schreeuwt om speelgoed. En het krijgt speelgoed. Het speelt er eventjes mee en dan mikt ze het in de hoek en schreeuwt ze: ik wil nóg meer speelgoed; dit is helemaal niet leuk meer! Ze zegt nooit: het is genoeg. Kijk, dat is nou het hart van u, van jou en van mij. Passie, begeerte, nooit genoeg. Geef, geef! En dat geldt ook op materieel gebied. Laten we eerlijk zijn. Je hebt toch nooit genoeg geld? Als we sparen en we hebben duizend euro gespaard, dan wil je tweeduizend euro sparen… Herkent u het bij uzelf? Bent u ook zo’n bodemloos vat, dat nooit tevreden is, waar altijd méér in kan, onrustig? En dan het allerbelangrijkste: zijn we tevreden met God? Kijk eens in je hart. Je komt nooit tot je bestemming en je wordt nooit gelukkig als je het zoekt in de dingen van nu. En daar zoeken we toch steeds? Geef, geef!

We mogen ons nu wel de vraag stellen: is dit het enige wat deze woorden van Agur ons te zeggen hebben? Ik hoop dat u en jij meer willen horen: of de Naam van de Heere Jezus Christus genoemd wordt, of de Naam van onze Zaligmaker verheerlijkt wordt. Hoe vinden we nu de Heere Jezus Christus in deze woorden van Agur over de bloedzuiger? Dan moeten we, zoals de Heere Jezus zegt, de Schriften onderzoeken en het verband vinden met de Christus der Schriften. Om de Heere Jezus te vinden in deze woorden van de bloedzuiger moeten we deze Schriftwoorden eens omdraaien. Het menselijk hart blijft zeggen: geef, geef! En nu het tegenovergestelde. Wat zegt het hart van God? Dat zegt: Ik geef! Het hart van God zegt: Ik hoef niets te hebben. Ik geef het allemaal weg. Het hart van God zegt: Ik heb onbaatzuchtige liefde. Ik zoek niet het goede van Mijzelf, maar Ik zoek het goede voor zondaren, voor vijanden, voor mensen die van nature ook helemaal geen achting hebben voor Mijn Zoon, mensen die Hem geen plaats gunnen op de aarde. In Zijn geboorte niet en nog minder in Zijn sterven. Want, zegt God, díé wereld heb Ik zó liefgehad dat Ik Mijn eniggeboren Zoon gegeven heb. Kijk, dat is nou het hart van God. God zegt niet: geef, geef! Maar God zegt: Ik geef. Ik heb Mijn enige Zoon gegeven.

Maar, zegt u misschien: De Heere werkt toch niet buiten de wet om? Nee, inderdaad. Maar de wet zegt inderdaad wat anders. De wet zegt ook: geef! De wet eist, de wet is meedogenloos! De wet ziet altijd weer gebreken en onvolmaaktheden. De wet zal nooit één woord van troost spreken. Maar dit is het Evangelie van Gods genade, dat Hij geeft! Wat mensen verschuldigd zijn. En niet alleen de Vader geeft, maar ook de Zoon Zelf is Gever. De Heere Jezus heeft Zichzelf gegeven. Ook zegt Hij: Ik geef Mijn schapen het eeuwige leven. En nu zegt de Heere Jezus vandaag: Ik verzeker ú, Ik verzeker het jou onder ede: Ik heb geen lust in uw of jouw dood! Nee, God heeft Zijn Zoon niet gegeven opdat Hij de wereld veroordelen zou, maar opdat de wereld door Hem behouden zou worden. Dát is Jezus! Gevende liefde, oneindig gevende liefde.

Ds. J.S. van den Net

fragment uit de prekenbundel ‘oneindige liefde’